top of page

Sabbatical week 26: ik wilde ontdekken wie ik ben zonder werk

  • 11 minuten geleden
  • 14 minuten om te lezen

Morgen gaat mijn wekker weer voor mijn werk. Mijn sabbatical zit erop. Zes maanden waarin ik niet werkte, mijn dagen grotendeels zelf bepaalde en wilde ontdekken wat er gebeurt als werk tijdelijk geen onderdeel van mijn leven is.


Ik dacht vooraf dat ik aan het einde waarschijnlijk iets groots zou willen doen om deze periode af te sluiten. Een bijzondere reis, een laatste avontuur of in ieder geval iets wat recht doet aan een half jaar vrijheid. In werkelijkheid heb ik de afgelopen dagen vooral zin om thuis te zijn. Ik rommel wat in huis, werk de wasmand weg en haal eindelijk de vlaggetjes van de verjaardag van onze zoon van de muur. Ze hangen er al veel te lang, maar blijkbaar stoort dat mij inmiddels ook een stuk minder. Aan onze muur hangt tegenwoordig zelfs de tekst embrace the mess. Dat zegt eigenlijk alles, want 6 maanden geleden dacht ik nog dat deze sabbatical een uitgelezen kans zou zijn om eindelijk minimalistisch te gaan leven.


Spoiler alert: er is geen grootse uitsmijter. Ik wilde juist een paar lege dagen voordat mijn werk weer begint. Geen afspraken, geen dingen die ik nog moet meemaken en geen laatste doel dat ik wil afvinken. Gewoon thuis zijn en wat aanrommelen. Zes maanden geleden had ik dat waarschijnlijk zonde van mijn vrije tijd gevonden. Nu voelt het precies goed.


Sabbatical week 26: ik wilde ontdekken wie ik ben zonder werk.

Wat wilde ik eigenlijk met een sabbatical?


Toen ik besloot een sabbatical te nemen, was ik niet opgebrand en ook niet klaar met mijn werk. Ik hoefde nergens van te herstellen, en ik wilde ook niet ontsnappen uit een leven dat niet bij mij paste. Ik was vooral ontzettend nieuwsgierig.


Ik werk eigenlijk mijn hele volwassen leven. Natuurlijk had ik vakanties en na de geboorte van onze zoon zwangerschapsverlof, maar dat laatste heeft weinig te maken met ervaren hoe het is om niet te werken. Ik weet dus eigenlijk helemaal niet wie ik ben als werk langere tijd geen rol speelt. En daar wilde ik achter komen.


Wie ben ik zonder mijn werk? Kan ik überhaupt niet werken of word ik daar na een paar weken onrustig van? Val ik in een zwart gat als mijn agenda niet meer gevuld wordt met afspraken, projecten en deadlines? Wil ik na 6 maanden nog wel terug? En wat gebeurt er wanneer ik langere tijd meer moeder en minder professional ben?


Ik zie mijn sabbatical daarom vanaf het begin als een experiment en als een investering in mezelf. Niet omdat er iets gerepareerd moest worden, maar omdat ik mezelf de ruimte wilde geven om te ervaren wat er gebeurt als één groot onderdeel van mijn leven tijdelijk wegvalt.


En 6 maanden is daarbij niet toevallig gekozen. Het is de maximale periode die binnen mijn baan mogelijk is: ik kan namelijk mijn werk een half jaar onbetaald stopzetten met de zekerheid dat ik daarna op hetzelfde niveau terug kan keren. En om die periode echt vrij te kunnen nemen, verkocht ik vooraf mijn bedrijf en richtte ik het financieel zo in dat ik zes maanden geen inkomen uit werk hoefde te verdienen. Een combinatie van spaargeld en inkomsten uit onze vastgoedinvesteringen maakte mijn sabbatical mogelijk.


Mijn belangrijkste afspraak met mezelf was simpel: ik werk echt niet. Verder wilde ik vooral ervaren wat er gebeurt als werk mijn dagen niet meer bepaalt. Dat klinkt achteraf heerlijk eenvoudig, al begon ik mijn sabbatical wel als iemand die ontzettend goed is in plannen.


Zelfs mijn vrije tijd krijgt vooraf een plan


Voor mijn sabbatical dacht ik na over alles wat ik met die enorme hoeveelheid tijd zou kunnen doen. Zes maanden vrij voelt vanaf de buitenkant bijna oneindig. Als je werkt, een gezin hebt, een bedrijf hebt, sport en ook nog allerlei andere dingen wilt doen, lijkt een half jaar zonder werk één grote zee aan tijd. Ik had dus ideeën genoeg.


Ik dacht dat ik eindelijk alle films uit de IMDb Top 250 kon kijken. Ik had een stapel boeken liggen die ik wilde lezen. Ik wilde lange afstanden fietsen en overwoog misschien lange wandelroutes te lopen. Ik wilde een instrument leren spelen en leren hoepelen. Ik zag mogelijkheden om creatief bezig te zijn, nieuwe dingen te proberen en veel te reizen. Ook wilde ik eindelijk minimalistischer gaan leven. Mijn gezondheid zou een prominente plek krijgen. Ik stel mij voor dat ik dagelijks zou gaan sporten, omdat ik daar straks tenslotte alle tijd voor heb.


En natuurlijk zou ik veel reflecteren. Ik dacht vooraf serieus dat ik wekelijkse reflectievragen nodig zou hebben om mijn doelen tijdens mijn sabbatical top of mind te houden. Want als je 6 maanden vrij neemt om iets over jezelf te ontdekken, moet je natuurlijk wel zorgen dat je aan het einde ook daadwerkelijk iets hebt ontdekt. Als ik daar nu aan terugdenk, moet ik lachen. Ik begon blijkbaar aan een experiment waarin ik wilde ontdekken wat er gebeurt als mijn agenda mijn leven niet meer bepaalt en mijn eerste reflex was om mijn vrije tijd vervolgens zelf weer volledig te organiseren.


Niet alles wat kan, hoeft ook


In de eerste weken heb ik nog volop plannen en ideeën (lees: onrust). Ik reis, fiets, lees, maak dingen en probeer nieuwe activiteiten. Toch verandert er gaandeweg iets. Niet omdat ik bewust besluit dat het anders moet, maar omdat ik steeds beter merk waar ik op een dag wel en geen zin in heb.


Hoepelen is daar het meest eenvoudige voorbeeld van. Ik had bedacht dat ik wil leren hoepelen. Alleen blijkt iedere keer dat ik zou kunnen gaan oefenen dat ik daar helemaal geen zin in heb. Eerst kun je daar natuurlijk een nieuw doel van maken: consequent oefenen, doorzetten, een schema zoeken en over 3 maanden alsnog kunnen hoepelen. Of je kunt constateren dat je blijkbaar helemaal niet zo graag wilt leren hoepelen. Dat laatste blijkt verrassend bevrijdend.


Hetzelfde gebeurt met mijn plannen om lange wandelafstanden te lopen. Ik loop uiteindelijk geen enkele etappe. Lange fietstochten maak ik wel, maar ook daar ontstaat geen groot project uit. Ik ga ongeveer 6 keer een hele dag op pad en vind dat heerlijk. Daarna hoeft het nergens naartoe. Mijn stapel boeken is aan het einde van mijn sabbatical ook niet verdwenen en de IMDb Top 250 staat nog steeds vol films die ik nooit heb gezien.


Er gebeurt iets wat ik vooraf niet had bedacht. Ik leer niet alleen wat ik wil doen, maar ook dat ik dingen níét hoef te doen alleen omdat ik ooit bedacht heb dat ik ze wilde doen. Vrije tijd hoeft blijkbaar ook niet optimaal benut te worden.


Mijlpaal: mijn jaarplanner gaat van de muur


Ik ben goed in plannen en organiseren. Echt goed. Ik kan vooruitdenken, dingen regelen, agenda’s naast elkaar leggen en zorgen dat alles gebeurt wat moet gebeuren. Lange tijd zie ik dat ook gewoon als een onderdeel van wie ik ben. Tijdens mijn sabbatical begin ik mij af te vragen of dat helemaal klopt.


Zodra ik niet meer werk, verdwijnt mijn behoefte om mijn hele leven vooruit te plannen verrassend snel. Op een gegeven moment haal ik zelfs mijn jaarplanner van de muur. Ik heb ook geen to-do lijst meer. Dat vind ik zelf bijna het meest opmerkelijke van alles, want ik heb jarenlang altijd lijstjes. Niet omdat ik anders niets doe, maar omdat er voortdurend zoveel verschillende dingen door elkaar lopen dat ik ze ergens moet parkeren. Wat moet vandaag, wat moet later, wat moet ik niet vergeten en wat moet ik nog regelen?


Nu is die behoefte weg en het bijzondere is dat ik nog steeds gewoon alles doe. De boodschappen worden gedaan, afspraken worden geregeld, het huis draait door en dingen die aandacht nodig hebben krijgen aandacht. Alleen schrijf ik niet meer voortdurend voor mezelf op wat er allemaal nog moet gebeuren.


Ik begin te zien dat mijn talent voor plannen en organiseren niet alleen een karaktereigenschap is. Het is iets wat ik jarenlang nodig heb om veel verschillende rollen, verantwoordelijkheden en wensen tegelijk in mijn leven te laten passen. Wanneer die druk afneemt, hoef ik mijn leven ineens veel minder te managen. Ik vertrouw erop dat iets ook morgen kan als het vandaag niet goed voelt. Dat klinkt klein, maar voor iemand die gewend is vooruit te denken voelt het als een enorme verandering.


Ik hoef helemaal niet uit te rusten


Vooraf denk ik ook dat rust een belangrijk onderdeel van mijn sabbatical gaat worden. Als je altijd werkt en ineens 6 maanden stopt, verwacht je bijna dat je lichaam eerst ergens van moet bijkomen. Dat gebeurt niet. Ik ontdek juist dat ik helemaal geen enorme behoefte heb om uit te rusten wanneer ik mijn eigen ritme kan volgen.


Ik zet geen wekker en word meestal vanzelf ergens tussen zes en 8 uur uitgerust wakker. ’s Avonds merk ik veel duidelijker wanneer ik moe word. Niet omdat ik mijn slaap bijhoud of probeer te optimaliseren, maar omdat er ruimte ontstaat om mijn lichaam daadwerkelijk te voelen. Dat vind ik een interessant verschil.


In een werkend leven bepaalt de tijd vaak wat ik doe. Je staat op omdat de wekker gaat, eet omdat het lunchpauze is en gaat naar een afspraak omdat die om 2 uur begint. Je dag bestaat uit momenten waarop iets van je wordt verwacht. Zonder die structuur merk ik veel beter wat mijn eigen ritme eigenlijk is. Dat betekent niet dat ik niets doe. Integendeel. Ik ben actief, onderneem veel en beweeg graag. Alleen komt het veel vaker voort uit wat op dat moment goed voelt.


Werken aan mijn gezondheid ziet er anders uit dan gedacht


Ook mijn doel om aan mijn gezondheid te werken krijgt gaandeweg een andere vorm. Vooraf zie ik daar vooral dagelijks sporten en wandelen bij. Want als je 6 maanden niet werkt, waarom zou je dan niet iedere dag sporten?


In werkelijkheid begin ik in deze periode met afvalmedicatie, train ik om de dag kracht en kan ik eindelijk zonder gedachten aan yin yoga doen. Dat ritme is heerlijk. Niet maximaal, niet iedere dag en ook niet vanuit het idee dat meer automatisch beter is. Mijn gezondheid wordt daardoor minder een project dat ik moet uitvoeren en meer iets waar ik gedurende mijn dagen aandacht aan geef. Het resultaat? Ik val 19 kilo af en voel mij fitter dan ooit.


Dit alles past bij een bredere verandering die gedurende mijn sabbatical steeds duidelijker wordt. Ik hoef niet steeds harder mijn best te doen om iets goed te doen. Dat inzicht wil ik straks ook meenemen in mijn werk. De versie van mezelf die ik graag achterlaat, is niet de professional of de ambitieuze vrouw. Het is vooral de harde werker die denkt dat harder werken vanzelf het beste antwoord is. Ik wil nog steeds goed zijn in wat ik doe, alleen meer vanuit vertrouwen.


Meer moeder blijkt vooral meer mentaal aanwezig zijn


Eén van mijn belangrijkste vragen aan het begin van mijn sabbatical gaat over moederschap. Ik wil ervaren hoe het is om gedurende langere tijd meer moeder en minder professional te zijn. Ik verwacht vooraf dat dit vooral betekent dat ik meer tijd met onze zoon heb. Dat klopt natuurlijk ook. Ik kan makkelijker mee naar school, ben aanwezig na schooltijd, we ondernemen dingen samen en ik hoef minder vaak te puzzelen hoe alles om een werkdag heen past.


Toch blijkt de grootste verandering niet in het aantal uren te zitten. Het zit in mijn aandacht. Als mijn hoofd niet voortdurend vooruitloopt naar een afspraak, een deadline, een presentatie of wat ik later op de dag nog moet doen, ben ik veel makkelijker gewoon waar ik ben. Een middag hoeft niet spectaculair te zijn. We hoeven niet steeds iets bijzonders te ondernemen om het gevoel te hebben dat we onze tijd goed gebruiken.


Dat inzicht loopt steeds duidelijker door mijn sabbatical heen. In het begin denk ik nog na over vrijheid als niet hoeven werken. Daarna ontdek ik dat vrijheid voor mij vooral betekent dat ik kan kiezen waar ik mijn tijd en aandacht aan geef. Vervolgens merk ik dat ik niet alles hoef te weten of vooraf hoef te bedenken. Ik hoef nergens meer heen om het gevoel te hebben dat ik iets beleef en gewone momenten blijken vaak precies de momenten te zijn die mij bijblijven.


Aan het begin van mijn sabbatical had ik dat waarschijnlijk een nogal magere opbrengst gevonden voor 6 maanden vrij. Nu voelt het juist als één van de belangrijkste inzichten.


De laatste zes weken schreef ik geen blog


Twintig weken lang schrijf ik bijna iedere week over mijn sabbatical. Ik kijk terug naar wat er gebeurt, probeer woorden te geven aan wat ik ervaar en ontdek al schrijvend regelmatig waar een week eigenlijk over gaat. Maar dan begint de zomervakantie van onze zoon, 6 weken waarin hij vrij is en wij veel samen zijn. De ultieme fulltime moeder test begint.


Ik schrijf geen enkele blog. Niet omdat er niets gebeurt en ook niet omdat ik niets meer te vertellen heb. Ik heb gewoon geen behoefte om alles wat we meemaken steeds op afstand te bekijken en er vervolgens een verhaal van te maken. Ik wil er zijn, met volle aandacht voor mijn gezin en vooral voor onze zoon tijdens zijn zomervakantie. Niet nadenken over wat een moment betekent voor mijn sabbatical serie, welke foto erbij past of wat de key take-away van een week is. Gewoon meemaken wat er gebeurt.


Achteraf past juist die stilte perfect bij alles wat ik in de maanden daarvoor opschrijf. Ik begin mijn sabbatical met het idee dat ik wekelijkse reflectievragen nodig heb om mijn doelen niet uit het oog te verliezen. Ik eindig met 6 weken waarin ik niet eens de behoefte voel om mijn ervaringen online te delen. Ik hoef mijn leven niet voortdurend te observeren om te weten of het goed voelt. Ik kan het ook gewoon leven.


Het grote gebeurde vooral in kleine dingen


Als ik 6 maanden geleden had moeten voorspellen waar ik aan het einde van mijn sabbatical op terug zou kijken, had ik waarschijnlijk gedacht aan reizen, grote ervaringen en nieuwe vaardigheden. Die zijn er ook. Ik reis, maak fietstochten, probeer dingen uit, maak veel, lees, sport en beleef allerlei mooie momenten met mijn gezin, vrienden en familie.


Toch zijn dat niet de dingen die het meeste veranderen. Ik ben vooral verrast door hoe blij ik word van heel gewone dingen thuis. Een dag zonder afspraken, iets maken, koffie drinken, sporten, een tuincamping ontwikkelen, een boek lezen, met onze zoon ergens naartoe fietsen, in huis bezig zijn zonder dat er haast achter zit of een middag waarvan ik ’s ochtends nog niet weet hoe die eruit gaat zien.


Vroeger zou ik 6 maanden vrij waarschijnlijk beoordelen op wat ik ermee heb gedaan. Welke landen heb ik bezocht? Wat heb ik geleerd? Hoeveel boeken heb ik gelezen? Welke grote inzichten heb ik opgedaan? Die meetlat voel ik zelfs nu af en toe nog. Heb ik wel genoeg gereisd? Had ik niet meer moeten doen nu ik deze unieke kans had? Heb ik wel een inzicht dat groot genoeg is voor een half jaar sabbatical?


Daar zit nog steeds de gedachte onder dat zo’n uitzonderlijke hoeveelheid vrije tijd ook een uitzonderlijke opbrengst moet hebben. Terwijl ik juist ontdek dat mijn grootste verandering heel ergens anders zit. Ik heb geen ander leven nodig om mijn leven voller te laten voelen.


Wie ben ik zonder werk?


Dat was 6 maanden geleden één van mijn belangrijkste vragen en nu weet ik het antwoord. Ik ben nog steeds dezelfde persoon. Ik houd nog steeds van dingen bedenken en maken. Ik houd van leren, van mensen, van vooruitgang en van iets voor elkaar krijgen. Ik vind het fijn om actief te zijn en ik krijg energie van nieuwe ideeën. Werk blijkt daar niet de bron van te zijn, maar één van de plekken waar die eigenschappen tot uiting komen.


Zonder werk val ik niet in een zwart gat. Ik hoef mijn dagen niet krampachtig te vullen en ik ga werk ook niet missen omdat ik anders niet weet wat ik met mezelf aan moet. Ik kan heel goed niet werken. Dat is eigenlijk een geruststellende conclusie.


Tegelijkertijd kom ik ook niet tot de conclusie dat ik nooit meer wil werken. Ik kijk ernaar uit om weer onderdeel te zijn van een team, mijn vak te gebruiken en bezig te zijn met werk dat ik interessant vind. De vraag blijkt dus niet te zijn of werk wel of niet in mijn leven hoort. De vraag gaat veel meer over hoeveel ruimte werk inneemt en wat er daarnaast overblijft. Ik wil niet minder betrokken terugkomen. Ik wil wel voorkomen dat werk automatisch weer het ritme van alles eromheen bepaalt.


Morgen is mijn agenda niet meer helemaal van mij


En dan komt morgen. Mijn eerste werkdag is meteen een afdelingsdag van 09.00 tot 17.00. Er ligt een programma waarvan ik niet weet hoe het eruitziet en ik doe daar gewoon aan mee. Ik kan om half elf niet ineens voelen dat ik liever ga sporten, een boek wil lezen of die afspraak vandaag toch niet zo goed vind passen. Dat klinkt bijna komisch na al die maanden waarin ik vaak kon denken dat iets morgen ook nog wel kan.


Ik zie uit naar het werk en tegelijkertijd zie ik op tegen de omschakeling. Vooral de hoeveelheid prikkels van een kantooromgeving lijkt mij wennen. Mensen, gesprekken, afspraken, informatie en een programma dat doorgaat, ook als mijn eigen ritme die dag iets anders aangeeft.


Tijdens mijn sabbatical kon ik steeds beter voelen waar ik behoefte aan had, juist omdat er ruimte is om daarnaar te luisteren. In een werkend leven kan dat niet altijd. Een afspraak is een afspraak. Een deadline schuif je niet op omdat het vandaag niet goed voelt. Andere mensen rekenen op je. Het is geen probleem dat ik moet oplossen, het is wel de werkelijkheid waar ik vanaf morgen weer onderdeel van ben. En precies daar begint voor mij een nieuw experiment.


De echte test begint na deze sabbatical


Ik geef het toe: het is makkelijk om slow living te ervaren wanneer een groot deel van je agenda leeg is. Het is makkelijk om aandacht te geven aan het moment als niemand ondertussen op een antwoord wacht. Het is makkelijker om naar mijn lichaam te luisteren als ik zelf bepaal wanneer mijn dag begint en eindigt. Ik weet nu hoe dat voelt. De vraag is wat daarvan overeind blijft wanneer mijn werk weer begint.


Kan ik minder afspraken in mijn agenda zetten zonder langzaam weer iedere lege plek op te vullen? Kan ik blijven sporten op een manier die goed voelt? Blijf ik ruimte maken voor niets plannen? Kan ik thuis bij een gesprek zijn zonder in mijn hoofd alvast bezig te zijn met morgen? Lukt het mij om niet opnieuw een eindeloze to-do lijst te maken zodra er meer tegelijk gebeurt?


Ik heb daar nog geen antwoord op en dat hoeft ook niet. Dat vind ik op zichzelf al een verschil met hoe ik 6 maanden geleden aan dit experiment begin. Toen dacht ik dat ik doelen, vragen en reflecties nodig had om ervoor te zorgen dat ik mijn sabbatical 'goed doe'. Nu heb ik geen plan nodig om ervoor te zorgen dat ik alles wat ik geleerd heb perfect vasthoud.


Ik weet inmiddels hoe het voelt als mijn leven niet voortdurend vooruitloopt op zichzelf. Ik herken mijn eigen ritme. Ik weet hoe fijn het is om thuis te zijn zonder het gevoel te hebben dat ik mijn tijd beter zou kunnen gebruiken. Ik weet dat ik geen grote plannen nodig heb om een goede dag te hebben en ik weet ook dat ik dingen mag willen zonder ze uiteindelijk te hoeven doen. Dat neem ik mee.


Mijn sabbatical bracht niet wat ik ervan verwachtte


Als iemand mij 6 maanden geleden had verteld dat ik aan het einde niet met een compleet nieuw levensplan zou komen, geen instrument zou beheersen, geen lange wandelroute zou hebben gelopen en niet ineens minimalistisch zou leven, had ik dat waarschijnlijk nogal saai gevonden. Als diegene vervolgens had gezegd dat ik vooral zou ontdekken hoe fijn ik gewone dagen thuis vind, had ik waarschijnlijk gedacht dat dat zonde was van zo'n lange tijd vrij.


Nu voelt juist dat ontzettend waardevol. Ik ging niet op zoek naar een nieuw leven. Ik wilde ervaren wie ik ben als werk wegvalt. Wat ik vond, is geen nieuwe versie van mezelf. Ik ontdekte vooral dat het leven dat er al is veel voller voelt wanneer ik er daadwerkelijk bij ben.

De grote verandering zit voor mij niet in wat ik voortaan allemaal anders ga doen. Hij zit in hoe ik naar mijn tijd kijk. Niet iedere vrije dag hoeft benut te worden. Niet ieder doel hoeft bereikt te worden. Niet iedere ervaring hoeft gedeeld te worden. Niet alles hoeft vandaag en niet alles wat ik kan plannen, hoeft gepland te worden.


Morgen ga ik weer werken en daarmee eindigt mijn sabbatical. Maar niet het experiment. Want 6 maanden niet werken blijkt uiteindelijk niet het spannendste deel. De echte vraag is wat er gebeurt wanneer alles wat ik in die zes maanden zo vanzelfsprekend ben gaan voelen, weer samen moet bestaan met afspraken, deadlines, collega’s, een agenda en alle andere dingen die bij mijn werkende leven horen.


Ik weet niet hoeveel daarvan over een paar maanden nog precies hetzelfde voelt. Ik weet wel dat ik het verschil nu ken en dat lijkt mij een heel mooi punt om mijn sabbatical af te sluiten.


Key take away van mijn sabbatical

Ik nam zes maanden vrij om te ontdekken wie ik ben zonder werk. Ik ontdekte vooral dat ik mijn leven niet steeds hoef te vullen, plannen of verbeteren om het waardevol te laten zijn.

Deze blog sluit mijn sabbatical serie af


Deze blog is de laatste blog in mijn sabbatical serie. Zes maanden lang stopte ik met werken om te experimenteren met een simpel maar voor mij spannend idee: wat gebeurt er als ik een half jaar niet werk? Ik wilde ervaren hoe het is om meer ruimte te maken voor andere rollen in mijn leven. Meer moeder en minder professional. Ik onderzocht waar mijn energie vandaan komt, wat mij gelukkig maakt en hoe het voelt als mijn werkagenda niet langer het ritme van mijn dagen bepaalt.


Ik begon deze periode met veel vragen en minstens zoveel plannen. Ik sluit hem af met minder behoefte aan allebei. Vanaf morgen werk ik weer. Wat deze sabbatical vervolgens verandert aan mijn werkende leven, ga ik niet vooraf bedenken. Dat mag zich nu vanzelf laten zien.


Opmerkingen


bottom of page